Policy Governance

 

Stichting Penta opereert op basis van de besturingsfilosofie ‘Policy Governance’. Volgens deze filosofie delegeert en mandateert de Raad van Toezicht taken en verantwoordelijkheden aan het College van Bestuur; bij Stichting Penta bestaande uit één persoon, de Directeur Bestuurder. Deze rol van de Raad van Toezicht past binnen de ‘governance’ opvatting zoals die in de jaren 2005 en 2006 binnen Stichting Penta is voorbereid en inhoudelijk vorm heeft gekregen (de scheiding van intern toezicht en bestuur en het vergroten van de invloed van de stakeholders).

De Raad van Toezicht geeft de Directeur Bestuurder mandaat door middel van geschreven beleidsuitspraken over de te behalen resultaten (doelen) en over de wijze waarop wordt geopereerd (de hem/haar toegestane handelingsruimte), en staat hem/haar toe binnen dat kader naar redelijkheid te beslissen en te handelen. Daartoe dient het managementstatuut. Het managementstatuut vormt het kader waarbinnen de Directeur Bestuurder gerechtigd is zijn/haar interpretaties te formuleren, keuzes te maken en beslissingen te nemen, evenals activiteiten in werking te zetten, welke redelijkerwijs geacht kunnen worden binnen dat kader te passen.

De schooldirecteur krijgt op zijn of haar beurt meer vrije ruimte om de school te besturen. De dertien scholen krijgen de ruimte om hun eigen visie ten aanzien van de identiteit en het onderwijsconcept te ontwikkelen en deze weer te geven in een schoolplan. De visie van de individuele scholen moet echter wel passen binnen de algemene (minimale) kaders die op stichtingsniveau overeengekomen zijn.
In bilateraal overleg met de Directeur Bestuurder wordt gesproken over wat scholen willen en wat ze daar voor nodig denken te hebben. De schooldirecteuren leggen ook, onder andere via managementrapportages, verantwoording af over het gevoerde beleid en de effecten hiervan.

In mandaatcontracten wordt vastgelegd waarover de Directeur Bestuurder en de schooldirecteuren verantwoording afleggen aan de Raad van Toezicht dan wel aan de Directeur Bestuurder (afspraken waarin verwachtingen van de resultaten van het handelen helder uiteen gezet zijn). Heldere en duidelijke onderlinge informatievoorziening en communicatie ondersteunt de beleidscyclus.